Van rolator tot scootmobiel

Over een geleidehond naast een rolator of toch naast een scootmobiel

Het zou dus een geleidehond naast een rolator worden. Ik trainde mezelf inmiddels door zover mogelijk te lopen, altijd onder begeleiding natuurlijk. En hoewel de actieradius erg klein bleef, droomde ik mezelf de tram, de bus en de trein in. Ik liep met mijn eigen vierwieler, met een wat minder stabiel driewielig karretje en zelfs een te verbouwen wandelwagen passeerde nog even de revue.

Vanwege mijn studie in Amsterdam, onderhield ik een regelmatige verbinding tussen mijn eigen flat, het huis van mijn moeder en dat van mijn vriend die toen nog elders woonde. Dat betekende enkele malen per week een reis per trein, waarbij ik vaker zonder dan met behulp van de NS mijn bestemming bereikte. Maar zelfs het feit, dat ik noch mijn bagage, noch mijn laptop gemakkelijk op een rolator zou kunnen meenemen, kon mij weerhouden van het denkbeeld dat ik ooit zou kunnen lopen met een geleidehond. Dus schoof ik de scootmobiel voorlopig terzijde. In zo’n ding kon ik tenslotte altijd nog gaan rijden als ik eenmaal oud en wijs zou zijn.

Het rolator-experiment liep echter op niets uit, behalve een grote teleurstelling voor mij. Tijdens testrondjes probeerde ik een nog jonge geleidehond te volgen. Daarvoor hield ik de beugel in mijn linker hand en probeerde ook nog met die hand op de rolator te steunen. Want op één hand, namelijk mijn rechter, kan ik niet lopen. Maar ik slingerde behoorlijk en dat bracht de hond in de war. Hij gaf het toch goed aan? Waarom raakte dat rare karretje dan toch telkens de deur? De hond, Tony, een kruising golden retriever labrador retriever, heeft nooit bij ons gewoond.

Na de teleurstelling droomde ik toch weer verder over zelfstandig naar buiten kunnen in een scootmobiel, vergezeld van een geleidehond. Vooral geen combinatie met een elektrische rolstoel, want die was voor mensen die daar niet uit kunnen, zo dacht ik. Er was ook toen al iemand die met een dergelijke combinatie werkte. Hij had zijn hond gekregen via een stichting voor hulphonden en liet hem geleiden naast een scootmobiel. Deze man was slechtziend, wat betekende dat hij nog zo’n beetje kon zien waar de hond liep en misschien zelfs een aankomende stoep- of grasrand kon waarnemen. Hoe groot daardoor het verschil tussen onze situaties was, besefte ik toen nog maar half. Wat mij er uiteindelijk van weerhield voor een dergelijke geleidehond te kiezen, lag in het feit dat deze niet door een erkende geleidehondenschool zou zijn opgeleid. Ik zou dus geen tegemoetkoming krijgen in de kosten die zo’n hond met zich meebrengt en ik wilde vooral meer kwaliteitsgaranties. Hoewel er natuurlijk geen kwaliteitsstandaard was en is voor deze specifieke tak van geleidewerk, wilde ik er in ieder geval van verzekerd zijn dat ik een geleidehond zou krijgen met een gedegen opleiding waar het dat geleidewerk betrof.

Uiteindelijk werd ik gebeld door een ex-trainer van Tony die voor zichzelf was begonnen en zich afvroeg of ik inmiddels een geleidehond naast een rolator had. Toen ik hem vertelde dat dat niet het geval was, maar dat ik graag een hond naast een scootmobiel zou willen hebben, besloten we tot een gesprek bij mij thuis. Een constructief gesprek zo bleek, met een ambitieuze, heel jonge trainer. “Je bent nog veel te jong om voor de rest van je leven binnen te zitten,” is één van de opmerkingen die mij nog helder voor de geest staan. Kortom, er moest een scootmobiel komen, een geschikte hond gevonden en getraind worden en er moesten routes worden geleerd.